Medisch beoordeeld door dr. A.M. van Coevorden, dermatoloog
Netelroosjeukende bulten die opkomen en weer verdwijnen
Netelroos, ook bekend als galbulten of urticaria, is een huiduitslag met jeukende bulten die in korte tijd opkomen en meestal binnen enkele uren weer wegtrekken, altijd binnen 24 uur. De naam komt van urtica, Latijn voor brandnetel. Bijna een kwart van alle mensen krijgt er ooit mee te maken, op elke leeftijd en bij mannen en vrouwen evenveel.
Wat is netelroos?
De uitslag begint met rode vlekjes. Die kunnen overgaan in verdikte rode of bleke plekken, en plekken kunnen samenvloeien tot grotere. Zo'n plek heet een kwaddel (urtica). Duurt de periode met klachten in totaal korter dan zes weken, dan spreken we van acute netelroos. Dat is meestal het geval. Duurt het langer dan zes weken, dan heet het chronische netelroos.
Hoe ontstaat netelroos?
Histamine speelt de hoofdrol. Deze stof ligt opgeslagen in mestcellen, cellen van het immuunsysteem in de huid. Verschillende prikkels kunnen histamine vrijmaken. Histamine verwijdt de bloedvaten, waardoor de huid rood wordt. Het maakt de vaatwanden ook doorlaatbaarder voor vocht, waardoor de huid plaatselijk opzwelt. En het veroorzaakt jeuk.
Prikkels die histamine kunnen vrijmaken:
- fysische prikkels zoals inspanning, druk op de huid, koude, warmte, zonlicht, water of trillingen (induceerbare urticaria)
- geneesmiddelen, vooral pijnstillers en antibiotica
- acute en chronische infecties, vooral door virussen en parasieten
- allergie voor voedingsmiddelen, bijvoorbeeld pinda, noten, schaal- en schelpdieren en fruit
- voedseltoevoegingen zoals kleurstoffen, conserveringsmiddelen en smaakversterkers
- insectensteken en -beten
- allergie voor ingeademde stoffen zoals schimmelsporen of huidschilfers van dieren
- contactallergieën
- interne ziekten
Soms spelen meerdere prikkels tegelijk. Sommige prikkels, zoals fysische prikkels en pijnstillers, kunnen bestaande netelroos verergeren. Bij chronische netelroos wordt bij 60 tot 90% van de mensen geen oorzaak gevonden. Dat heet chronische spontane urticaria. Er is geen duidelijke erfelijke aanleg, al komt netelroos in sommige families vaker voor, vooral de vormen door koude en zonlicht.
Wat zijn de verschijnselen?
De typische kwaddel is een intens jeukende, verheven rode plek, vaak met een bleek centrum. Plekken kunnen groter worden en samenvloeien. Kenmerkend is dat ze binnen enkele uren verdwijnen zonder iets op de huid achter te laten. Er is geen voorkeursplaats: armen, benen, romp en gezicht doen even vaak mee. Speelt een prikkel van buitenaf een rol, dan verschijnen de plekken meestal waar die prikkel de huid raakte. Drukurticaria zit vaak op knieën, handpalmen en voetzolen; plekken door insectenbeten meestal op onderarmen en onderbenen.
Bijzondere vormen:
- Inspanningsurticaria: speldenknopgrote, jeukende of branderige rode bultjes bij transpiratie, lichamelijke inspanning of een warme omgeving.
- Urticaria factitia: streepvormige, jeukende kwaddels na druk of wrijven over de huid, ook wel positief dermografisme genoemd. Komt in meer of mindere mate voor bij 3 tot 5% van de mensen.
- Koude-urticaria: kwaddels op plaatsen waar de huid afkoelt, bijvoorbeeld bij zwemmen in koud water. Een uitgebreide reactie met bloeddrukdaling en bewustzijnsverlies kan gevaarlijk zijn, met verdrinkingsgevaar bij zwemmen. De diagnose kan gesteld worden met een ijsbloktest.
- Vertraagde drukurticaria: na enkele uren pijnlijke, verharde zwellingen op drukplaatsen, vaak rond de gewrichten. Deze vorm wordt soms verward met een gewrichtsontsteking en is moeilijk te behandelen.
Is netelroos besmettelijk?
Nee. Netelroos ontstaat door het vrijkomen van histamine in de eigen huid en is niet overdraagbaar van mens op mens.
Hoe wordt de diagnose gesteld?
Een arts herkent netelroos doorgaans gemakkelijk. Het gesprek over de meest voorkomende oorzaken leidt in veel gevallen al tot de oplossing, zonder verder onderzoek. Alleen bij aanwijzingen voor een specifieke oorzaak volgt gericht onderzoek.
Wat is de behandeling?
De basis is het vermijden van de uitlokkende prikkel, als die bekend is. Lukt dat niet, dan zijn antihistaminica meestal effectief: moderne middelen die de werking van histamine blokkeren en doorgaans niet suf maken. Vaak is een hogere dosering nodig dan bij hooikoorts. Helpt het ene antihistaminicum onvoldoende, dan kan een ander geprobeerd worden. Daarnaast kan montelukast worden toegevoegd, een medicijn dat normaal bij inspanningsastma wordt gebruikt maar ook bij netelroos goed kan werken. Bij tussentijdse opvlammingen kan de arts kortdurend prednison geven. Is het effect van antihistaminica in voldoende hoge dosering samen met montelukast onvoldoende, dan kan omalizumab worden overwogen. Dit middel neemt de stoffen weg die de mestcellen activeren. Werkt omalizumab onvoldoende of kan het niet gegeven worden, dan komen andere medicijnen die het immuunsysteem onderdrukken in beeld, zoals ciclosporine.
Wat zijn de vooruitzichten?
Meestal is netelroos van korte duur, soms zo kort dat de plekken alweer weg zijn vóór het bezoek aan de huisarts. Bij een deel van de mensen houdt netelroos langer aan en kan het maanden tot jaren duren.
Veelgestelde vragen over netelroos
Is netelroos besmettelijk?
Nee. Netelroos ontstaat door het vrijkomen van histamine in de eigen huid en is niet overdraagbaar van mens op mens.
Hoe lang blijven de bulten staan?
Afzonderlijke plekken trekken meestal binnen enkele uren weg en altijd binnen 24 uur, zonder littekens of vlekken. Er kunnen wel steeds nieuwe plekken bijkomen.
Is netelroos een allergie?
Soms, bijvoorbeeld bij een voedselallergie of een insectensteek. Maar bij chronische netelroos wordt bij 60 tot 90% van de mensen geen oorzaak gevonden.
Wat is het verschil tussen acute en chronische netelroos?
Bij acute netelroos duurt de klachtenperiode in totaal korter dan zes weken; dit komt het meest voor. Duurt het langer dan zes weken, dan is het chronisch en kan het maanden tot jaren aanhouden.
Welke behandelingen zijn er?
Eerst het vermijden van de prikkel als die bekend is, daarna antihistaminica. Helpen die onvoldoende, dan zijn er vervolgstappen: montelukast, kortdurend prednison bij opvlammingen, omalizumab en middelen die het immuunsysteem onderdrukken zoals ciclosporine.